Trein Fort William – Glasgow

Toen God het Aards Paradijs schiep, moet hij eerst op inspiratiereis naar Schotland zijn geweest. Na wat er hier aan het treinraampje passeert op weg naar Glasgow, ben ik daar van overtuigd. De trein rijdt hier in zijn eigen bedding zonder dat er ook maar een autoweg in d buurt is. of een dorp. of een huis. met de trein rijden is hier zweven door Schotland’s indrukwekkendste landschappen. Moeraslanden wisselen hier de meren en naaldwouden af. met op de achtergrond steeds de besneeuwde bergtoppen van de Highlands. Herten en schapen nemen akte van de passage van de trein. ik neem bewust geen foto’s omdat die nooit kunnen uitdrukken wat je hier te zien krijgt. volgens Lonely Planet is Schotland het mooiste ‘land’ ter wereld. als je deze treinroute neemt, die toch bijna vier uur duurt, begrijp je perfect waarom.

Dezelfde trein passeert ook in het station van Bridge of Orchy als we er zitten te lunchen op de trappen naar de voetgangerstunnel. er stapt één iemand uit en één iemand in, alsof de rijtuigen in evenwicht moeten blijven. De stationschef begroet ons, zoals iedereen hier lachend en passeert nog een aantal keer. gezien zijn lichaamsomvang zou je niet vermoeden dat hij die trap zo vaak op en af gaat.

DSC_0075

na de lunch gaan we verder Bridge of Orchy in. We steken de brug over waaraan het minuscule dorp zijn naam dankt waarna een stijle klim in een naaldbos volgt. Een C130 van de Royal Air Force komt laag overvliegen. Na een stevige klim vangen we de eerste glimp op van de vallei van Loch Tulla. we klimmen even op een heuveltop om de hele vallei te zien. het uitzicht is werkelijk adembenemend. Ik neem wat panoramafoto’s en na een kwartier beginnen we met de afdaling. na enkele minuten krijgen we Inveroran Hotel in het zicht, dat in het einde van de vallei ligt. Het hotel staat daar moederziel alleen. Dit moet. qua locatie, het mooiste hotel zijn waar ik ooit geslapen heb. En, omdat het een hotel is sinds 1707, waarschijnlijk ook het oudste.

DSC_0119

De binnenkant komt wat ouderwets over, maar dat stoort niet op deze plek. Het vasttapijt in Schotse ruit, de krakende houten trap en de héél erg klassieke ontbijtzaal; het hóórt er allemaal bij. En na een dag in de Schotse wildernis is álles met een dak en centrale verwarming welkom. Dat vonden vast ook Charles Darwin, die hier verbleef tijdens een periode waarin hij onderzoek deed naar de naaldbomen in deze vallei, en Charles Dickens.

DSC_0106

We proberen nog een wandeling te maken in het moeras, maar door de vele regen van de afgelopen dagen (behalve vandaag; vandaag was een droge dag) is dat bijna onmogelijk. dus keren we maar naar onze kamer terug om wat te rusten. Het avondeten bestaat uit zalm met gestoomde groenten met een glas cider. Na het eten nemen we plaats in de walkers’ bar en ontmoeten daar een Engelsman en een Hongaar. wie het begin van een grap vermoedt, is er echter aan voor de moeite. De twee doen. apart van elkaar, de West Highland Way met een tent. Ik druk alweer mijn gevoelens van respect uit. De heren slapen nu ook weer in een tent, maar zijn wat blij dat ze eens binnen kunnen zitten. al keuvelend bestel ik de eerste Whiskey uit mijn bestaan (een Oban Single Malt) en smaakte dat het goed was.

Inveroran-Kings’ House 16 kilometer

De volgende ochtend tikt de regen zachtjes op het vensterraam. En alvorens iemand ‘Rob De Nys’ kan zeggen, zitten we al beneden aan de ontbijttafel. Als we vertrekken is het gedaan met regenen. We zwaaien nog snel naar onze Hongaarse vriend die zijn tent aan het opvouwen is en stappen verder. we zetten onze eerste stappen op de 18-de eeuwse, militaire weg waar de kasseien én de karrensporen nog goed te onderscheiden zijn, wanneer de eerste druppels vallen. We wandelen naast de eerste meters van Rannoch Moor; het grootste aaneengesloten natuurgebied van het veringd koninkrijk. De bergtoppen op de achtergrond zitten verstopt in de wolken. Het is ook opvallend hoeveel wandelaars we vandaag tegenkomen. Tot hier toe was dat altijd uitzonderlijk. Bij momenten regent het fel, en als het regent. steekt er een ijzige wind op. Ik kan mijn handen niet warm houden. gelukkig worden hevige regenvlagen van tijd tot tijd afgewisseld met een zonnestraal.Of twee. Meer zeker niet. We wandelen door Rannoch Moor en de weg wordt af en toe onderbroken door een kleine waterval of een bruggetje. Na een drietal uur op de weg nemen we een stevige bocht naar links en krijgen we het eerste zicht op de vallei van Glencoe.

DSC_0156

De wandelaar die de indruk krijgt dat hij ‘hier al eens is geweest’ kan ik meteen geruststellen; je hebt geen vorig leven achter de rug en je Highlandouders hebben je ook niet aan een Belgisch paar afgestaan voor adoptie. Deze vallei figureert wél in een hele hoop populaire films, zoals daar zijn Braveheart, Skyfall en Harry Potter. We lunchen in de koude wind (een constante tijdens de WHW; nergens een schuilhut, café of toilet op strategische plekken) en worden ingehaald door onze Hongaarse vriend, die na een korte babbel voor altijd uit ons zicht zal verdwijnen. Na de lunch passeren we Glencoe Ski Station. In tegenstelling tot wat vaak beweerd word, staat dot hier niet echt in de weg. op deze splinter vitten is de balk in je oog (de A82-autoweg beneden in de vallei) compleet negeren.

DSC_0212

Na vijf uur wandelen checken we in in Kings’ House Hotel. Dit bekende hotel, plompverloren naast de autoweg, zal ons meest luxueuze verblijf van de hele weg blijken. Het beschikt over 2 salons, 2 bars, een eetzaal en een hoop kamers. Onze kamer is vrij klein maar tiptop in orde en we hebben een ongelooflijk uitzicht op de vallei van glencoe. We zijn redelijk vroeg en besluiten korhoenen gaan te spotten en, als het even kan, te fotograferen. Ik had er immers vlakbij het hotel enkele gezien en wilde deze bij ons uitgestorven vogel op beeld hebben. Na een een half uur Rannoch Moor besluiten we echter terug te keren, omdat de wind het ons bijna onmogelijk maakt. Een koppel dat begon hun tent op te zetten buiten het hotel, pakte terug in. Ik maak nog wat foto’s van een overstekend hert en de om brood bedelende vinken en bestel dan een pint in de climbers’ bar. Na het avondeten nemen we plaats in het chique salon van het hotel en plaats ik mijn eerste blogpost. De wind lijkt de ramen wel uit hun kozijnen te blazen en de regen klettert. ik denk aan de wildkampeerders die ergens daarbuiten in hun tentje liggen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.