Gairlochy – Invergarry

Een Schots ontbijt met volledig zicht op Ben Nevis en het aanpalende skigebied; het is zeer aan te bevelen. We nemen afscheid van Heather er danken haar voor de zeer goede zorgen in haar bed and breakfast, Dalcomera. Vandaag krijgen we de 26 kilometer naar Invergarry voor de voeten gesmeten.

De dag begint formidabel. De zon schijnt en Loch Lochy toont zich van zijn mooiste kant. We krijgen heerlijke vergezichten op de Ben Nevis met het meer op de voorgrond. Onderweg worden we er, middels regelmatig geplaatste infoborden, op attent gemaakt dat in dit gebied ooit de commando’s trainden tijdens de tweede wereldoorlog. De landing in Normandië werd, deels, in Loch Lochy getraind.

Vandaag ligt het meer er gelukkig heel rustig bij. Het oppervlak is bijna rimpelloos. Dat levert enkele mooie foto’s op.

De Great Glen Way zelf is intussen een betonwegje geworden. We passeren het Clan Cameron museum, dat alleen in de namiddag enkele uren geopend blijkt.

In het gehucht Clunes gaat de weg over in een onverhard pad. We stijgen een beetje en wandelen een hele tijd door een bos, met het meer aan onze rechterkant. Het pad gaat op en neer en dat had ik onderschat: in de beschrijvingen vooraf leek heel de Great Glen Way een vlakke rit te gaan worden. We lunchen op een boomstam in een grasveldje naast het pad.

De weg is nog een eindje zijn monotone zelf; soms het meer aan de rechterkant. Meestal tussen dichte bossen. Het is dan ook een verademing als we beneden, aan het einde van het meer, Laggan zien liggen. We zitten ineens tussen de met schapen gevulde weiden die Schotland (en Ierland) hun typische uitzicht geven. In Laggan zoeken we een tijdje achter een pub, die uiteindelijk in een omgebouwd rivierschip op het kanaal tussen Loch Lochy en Loch Oich blijkt te zitten. The Eagle is een knappe pub en de gastvrouw kan op geen enkele manier ontkennen dat ze een Schotse is. Ik drink een thee met het idee dat we vlakbij Invergarry zijn. Een behoorlijke misrekening.

We gaan terug op pad en het duurt een tijdje eer we de brug in North Laggan bereiken. We zijn net op tijd over als de sirene van de brug begint te loeien en alle verkeer op de A82 moet stoppen: er moet een riviercruise door.

Een beetje verder steken we de weg over en moeten we alweer klimmen. De weg naar boven is breed en een kwartier later weten we waarom; een tractor met laadbak vol boomstammen dondert naar beneden. Nog eens een kwartier later komt hij weer terug voorbij op weg naar boven. We zijn al bijna anderhalf uur op weg sinds de drijvende pub en mijn voeten doen serieus pijn. Door de bomen heen zien we de eerste huizen van Invergarry. Maar we kunnen er maar niet bij. Eerst gaat de weg een mijl naar het westen, daarna een hele mijl terug naar het oosten. Tegen de tijd dat we in het Invergarry Hotel zijn, zijn we twee uur voorbij Laggan. We rekenden op een half uur.

Invergarry Hotel is een hotel met plaid vloeren en aftandse raamkozijnen; heel typisch Brits, dus. We eten in het in de streek bekende restaurant van het hotel, dat eigenlijk gewoon hamburgers en steak op de kaart heeft staan, maar ik ben te moe om nog te blijven hangen in de bar. We besluiten nog wat te gaan lezen in bed. Na vijf minuten val ik als een blok in slaap.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.